Data

  • Locatie: Ruwenbos Enschede
  • Opdrachtgever: Gemeente Enschede
  • Start jaar: 1994

Printen

Ruwenbos is een woonlocatie aan de zuidkant van Enschede met ruim vierhonderd woningen. Het zijn voornamelijk koopwoningen: van premiekoopwoningen tot woningen in de vrije sector. De prijsklasse varieert van € 82.000 tot € 270.000 (prijspeil 2006). Daarnaast staan er ook zeventig luxe huurappartementen. De bouw van de eerste woningen startte in het najaar van 1994.

Het is een wijk met een tuinstedelijk karakter waarin bijna alle bestaande landschappelijke elementen zijn gehandhaafd. Zo bepalen de behouden houtwallen nog steeds de structuur in de wijk en zijn alle erfafscheidingen hagen. En de waterafvoer in de vorm van de nieuwe wadi’s volgt het oorspronkelijk terreinprofiel.

Plattegrond van het gebied

Plattegrond van het gebied © Rioned

Het opvallendste element in deze wijk is het wadisysteem. Het grootste gedeelte van Ruwenbos heeft geen regenwaterriool. De regenpijpen van woningen monden bovengronds uit in gootjes die het water door de tuin afvoeren naar de straat of het achterpad. De bestrating van straten en paden is hol, zonder goot- of trottoirkolken, en loopt nauwkeurig af naar de wadi’s. Het regenwater van de wijkontsluitingswegen en de parkeerterreinen gaat niet naar de wadi’s maar wordt opgevangen in straatkolken die zijn aangesloten op een verbeterd gescheiden rioolstelsel. Een apart stelsel voert het huishoudelijk afvalwater uit de wijk naar de zuiveringsinstallatie.

De wadi’s infiltreren het regenwater via greppels in de wadibodem. Onder de wadibodem zit een infiltratievoorziening met daarin een drainagebuis. In de wadiwanden zitten kolken (ook wel ‘slokoppen’ genoemd) op circa 0,25 m boven de bodem. Uitgangspunt bij het ontwerp is dat de wadi’s maximaal eenmaal per twee jaar tot dit niveau gevuld zijn. Deze slokoppen passeren de wadibodem en de infiltratievoorziening en leiden het water direct in de drainagebuis. Nadat het water de wadi tot en met de slokoppen heeft gevuld, kan het water in de wadi nog stijgen tot een niveau dat eenmaal in de vijfentwintig jaar voorkomt: op dat moment staat er ongeveer 0,35 m water in de wadi. Als het water hoger komt dan deze waterstand, fungeert de wadi als open greppel en stroomt het water bovengronds af naar de volgend wadicompartiment of naar het oppervlaktewater.

In de infiltratievoorziening onder de wadibodem is drainage aangebracht. De drainage spreidt het water in de voorziening en kan bij hoge grondwaterstanden tevens bijdragen aan de ontwatering van het gebied. Op deze wijze kan een wadi meerdere functies in een voorziening verenigen: infiltratie bij lage grondwaterstanden (in de zomer) en drainage bij hogere grondwaterstanden (in de winter).

Als u door de wijk Ruwenbos loopt, lijkt een wadi niet meer dan een brede greppel begroeid met gras, een verlaging in het maaiveld. De wadi’s lopen dwars door de woonwijk en volgen daarbij natuurlijke laagten in het terrein. Op het laagste punt is de wadi circa 3 m breed en 40 cm diep. Meestal staat een wadi droog, alleen in de periode na een regenbui staat er water in. Vanuit de wadi zakt het water weg in de bodem. Wadi’s voeden het grondwater doordat regenwater vanaf daken en straten in de bodem infiltreert. Wadi’s zorgen ervoor dat het regenwater op een meer natuurlijke wijze afvoert dan via een rioolstelsel. Bovendien heeft de wadi in perioden met hoge grondwaterstanden een drainerende functie. Tot slot kan de wadi dienen als een verbindingszone voor dieren en kan die flora en fauna aantrekken in het stedelijke gebied.

De bovenste laag van de wadi bestaat uit verbeterde grond die qua samenstelling zo gekozen is dat deze zowel een goede bodem voor de vegetatie is als dat deze voor de situatie optimaal infiltreert. De humus in de grond draagt eraan bij dat het gras zich beter kan ontwikkelen en de wadi beter bestand is tegen betreding; een deel zand in de grond zorgt voor een goede infiltratie.

Onder de bovenste laag ligt de drainagesleuf. De drainagesleuf bestaat uit een in geotextiel ingepakt pakket met granulaat; deze bergt het water totdat het via de wanden en de bodem in de ondergrond infiltreert. Als de waterstand boven het slokopniveau stijgt, voeren deze het water direct af naar de in het pakket gelegde drainagebuis. Deze drainagebuis volgt het verloop van de wadi van compartiment tot compartiment en fungeert uiteindelijk als overstort van het systeem. Onderweg kan het water eventueel in andere compartimenten van de wadi infiltreren voordat het het oppervlaktewater bereikt.

In de uitvoering van de wadi’s in Ruwenbos wordt het regenwater van de daken in de wijk bovengronds verzameld en via goten in de straten geleid naar de wadi. De wadi’s slingeren door de wijk; ze staan haaks op de wegen. De kruisingen van de straten met de wadi’s heten voorden. Deze voorden liggen hoger dan de wadibodem, maar lager dan de straat. Zo kan het water gemakkelijk van de straten in de wadi stromen. Weggebruikers ervaren de voorden als omgekeerde verkeersdrempels. De wadi’s leiden uiteindelijk naar oppervlaktewater in de vorm van grote vijvers aan de rand van de wijk.

De maximale bergingshoogte in de wadi is instelbaar en bedoeld om een zomer- of een winterpeil in te stellen; boven dat maximum wordt in de regelputten aan het eind van een wadicompartiment het water direct overgestort in de drainbuis van het volgende wadicompartiment. Ook kan de berging volledig worden uitgezet. En als de grondwaterstand tot in de drainbuizen rijkt, beginnen deze het geïnfiltreerde water en het overtollige grondwater af te voeren ofwel het gebied te draineren tot het grondwaterpeil weer acceptabel is.

Qua kosten blijkt uit [Boogaard et al, 2006] dat een wadi per strekkende meter duurder is dan een rwa-riool maar dat een wadi goedkoper is dan een rwa-riool als wordt omgerekend naar kosten per m2 aangesloten verhard oppervlak. Onderhoud aan een wadi is duurder maar hierbij moet men bedenken dat de wadi’s meteen ook groenstroken vormen die er bij een rwa-riool ook (gedeeltelijk) zouden moeten zijn; dan zou een deel van de kosten voor rekening van groenbeheer komen. Onderhoud is belangrijk om de wadi is goede conditie te houden en er is afstemming tussen de verschillende gemeentelijke diensten voor nodig.

Door de bodeminfiltratie te combineren met de groenvoorziening in de wijk, hoeven de wadi’s niet meer ruimte in beslag te nemen dan in traditioneel opgezette wijken.

Over de tijd bleven de wadi’s in Ruwenbos goed presteren: de leeglooptijd van de wadi’s lijkt niet op te lopen; dichtrijden van de toplaag, dichtslibben van gras tot geotextiel, er zijn vele condities die daartoe zouden kunnen leiden en dus oplettendheid en bewustwording bij de bewoners verlangen. Wel zijn microverontreinigingen zichtbaar in het grondwater en de toplaag van de wadi; deze zijn te herleiden tot bouwgrondstoffen van de verharding maar er is langduriger onderzoek nodig om te bepalen of deze een probleem vormen. Bewoners leken eigenlijk alleen maar positiever te worden over het wonen in een wadi-wijk. Een struikelblok voor een aantal was de vormgeving van de gelijkvloerse kruispunten van straat en wadi, de voorden. Ook zou een groot deel van hen meer informatie wensen over de regels waar men zich aan moet houden en zouden ze aanvullende manieren van waterbeheer zoals regenwatergebruik in de woning waarderen. [Boogaard et al, 2006]

Literatuur

Boogaard F., Bruins G., Wentink R.; Wadi’s – Aanbevelingen voor ontwerp, aanleg en beheer; Stichting RIONED, Ede, 2006

Weet je een goed voorbeeldproject? Laat het ons weten!

Heb je meegewerkt aan een project met klimaatadaptieve maatregelen dat je geschikt vindt als voorbeeldproject voor deze kennisbank? Neem dan contact met ons op.

Contact